top of page

Het wiel is op de wagen

  • 4 jul
  • 5 minuten om te lezen

We zijn als poule onderweg, voila !

.Er staan 140 ingeschreven Tourpoule-renners in, verdeeld over 46 ploegleiders/deelnemers. In totaal zijn er dus 1.400 actieve keuzeposities gevuld, plus vrijwel overal een reserve. I

De echte Tour-context is stevig: de Tour van 2026 start op 4 juli in Barcelona met een ploegentijdrit, eindigt op 26 juli in Parijs, en wordt volgens de actuele voorbeschouwingen gedragen door het duel Pogačar–Vingegaard, met Evenepoel en Seixas als grote verhaallijnen. (The Guardian)

De harde kern van de poule

Renner

Gekozen

Percentage

POGACAR Tadej

104x

74,3%

VINGEGAARD Jonas

91x

65,0%

PHILIPSEN Jasper

85x

60,7%

SEIXAS Paul

77x

55,0%

EVENEPOEL Remco

71x

50,7%

DEL TORO Isaac

63x

45,0%

MERLIER Tim

63x

45,0%

PEDERSEN Mads

56x

40,0%

LIPOWITZ Florian

55x

39,3%

VAN DER POEL Mathieu

52x

37,1%

De opvallendste conclusie: Vingegaard is 91 keer gekozen, maar nooit zonder Pogačar. Iedereen die Jonas meeneemt, rijdt dus óók met Tadej in de bus. Dat maakt Pogačar niet alleen de favoriet van de echte Tour, maar ook de absolute ruggengraat van de MalleMolen Tourpoule. Reuters citeerde Tourdirecteur Christian Prudhomme deze week zelfs als iemand die Pogačar de “undeniable favourite” noemt. (Reuters)

De consensusploeg

Als je puur kijkt naar de tien meest gekozen namen, dan is dit de “ploeg van het volk”:

Pogačar – Vingegaard – Philipsen – Seixas – Evenepoel – Del Toro – Merlier – Pedersen – Lipowitz – Van der Poel

Maar slechts één inzending heeft exact deze volledige top-10: Nick Olivieri van Jan Willem Wtenweerde. Dat is statistisch gezien de zuiverste consensusploeg van het hele veld.

Wat zegt dit tactisch?

De poule heeft drie duidelijke kampen.

1. De zekerheidszoekersDeze ploegen zitten zwaar op Pogačar, Vingegaard, Philipsen, Seixas en Evenepoel. Ze zullen nooit snel volledig wegzakken, maar winnen alleen als de voorspelbare namen ook echt de koers domineren. Voorbeelden van zeer veilige profielen: Kees Kosterman, Thomas Beekman, Caspar Koot, John van Os, Michel van Os.

2. De sprintersjagersHier zitten ploegen die gokken op veel massasprints, groene punten en dagzeges. De zwaarste sprintblokken zitten bij onder meer Djamolidine Abduzhaparov, Barry Heijk, Patricio de la Presa, Kenny Klimme, Simon Zabelbank en Juan Vamos. Philipsen is de absolute sprintkoning van de poule, maar Merlier, Pedersen en Kooij zijn de mannen die het verschil kunnen maken.

3. De vrijbuiters en baroudeursDit zijn de ploegen met lage populariteitsscores, veel unieke namen en dus veel risico. Hier kunnen de echte dagprijzen vandaan komen. Namen als Thomas de Gendt, Tinus Tussengas, JAPÓN DIJKSTRA, Dusty Anderson, Bert Bergaf, Leen Olivier en Verbrande Herman rijden niet mee om de consensus te volgen, maar om het café op stelten te zetten.

Meest eigenwijze ploegleiders

Gemiddeld genomen zijn dit de deelnemers met de meest afwijkende selectieprofielen, gerekend op populariteit van hun gekozen renners:

Ploegleider

Inzendingen

Karakter

Martien Loeffen

4

Extreem eigenwijs, veel outsiders

Gert-Jan van Rooijen

6

Grootste spreiding, veel unieke keuzes

Harry Beijk

3

Sprint én avontuur, weinig lafheid

Thijs Griepink

4

Mix van klassement, groen en dwaalsporen

Robin Lauwers

6

Breed, grillig en gevaarlijk

Patrick Dijkstra

6

Veel vrijbuiters, weinig meelopers

Gert-Jan van Rooijen springt er statistisch uit met 41 verschillende echte renners over zes inzendingen. Dat is geen poulebeleid, dat is een wielermanifest.

Reserves: de schaduwploeg

De meest gekozen reserves:

Reserve

Aantal

PIDCOCK Tom

7

BIESTERBOS Frits

6

SKJELMOSE Mattias

5

MATTHEWS Michael

4

EVENEPOEL Remco

4

VAN DER POEL Mathieu

4

VAUQUELIN Kevin

4

SEIXAS Paul

4

AYUSO Juan

4

Pidcock als populairste reserve is veelzeggend: iedereen vertrouwt zijn talent, maar niet iedereen durft hem in de basis te zetten.


De MalleMolen Tourpoule 2026: waar statistiek, koersromantiek en kroegbravoure elkaar kruisen

Er zijn Tourpoules die je invult tussen koffie en krant. En er is de MalleMolen Tourpoule, waar 140 zorgvuldig samengestelde wielercreaties aan de start verschijnen alsof ze allemaal net uit een obscure ploegbus zijn gestapt. Niet met gewone namen, maar met types. Mannen met bijnamen, trauma’s, sprintbenen, klimmerslongen en een verborgen agenda.

De cijfers liegen niet. De poule rijdt in de schaduw van één man: Tadej Pogačar. Hij is 104 keer gekozen en daarmee de onbetwiste zon waar bijna het hele deelnemersveld omheen draait. Wie zonder hem rijdt, doet dat niet uit slordigheid, maar uit overtuiging. Of uit overmoed. Jonas Vingegaard volgt met 91 keuzes, maar de Deen is in deze poule opvallend genoeg nooit los verkrijgbaar: iedereen die Vingegaard heeft, heeft ook Pogačar. Het is de Siamese tweeling van de Tourpoule-tactiek.

Daarachter ontvouwt zich het echte spel. Jasper Philipsen is met 85 keuzes de sprinterskoning van het deelnemersveld. Paul Seixas, de Franse hoop en inmiddels meer dan een hype, is 77 keer gekozen. Remco Evenepoel staat 71 keer op de lijsten en blijft daarmee de man van de belofte, de tijdrit, het lef en de vraag: hoe lang houdt hij stand wanneer de bergen niet meer vriendelijk zijn?

De MalleMolen-deelnemers hebben massaal gekozen voor zekerheid, maar niet zonder kleur. Isaac del Toro en Florian Lipowitz zijn duidelijk omarmd als nieuwe generatie klassementsmannen. Tim Merlier, Mads Pedersen en Olav Kooij vormen de sprintlaag onder Philipsen. Mathieu van der Poel is met 52 keuzes geen automatische pick, maar wel een renner die iedere poule op een willekeurige woensdagmiddag kan opblazen.

Toch wordt deze Tourpoule niet alleen beslist door de grote namen. Juist daaronder begint het echte vakmanschap. Healy, Godon, Vauquelin, Paret-Peintre, Grégoire, Ganna, Vacek en Simmons zijn de mannen voor deelnemers die niet willen wachten tot de favorieten aanzetten. Zij willen rommel. Regen. Waaiers. Een rit met een half peloton dat twijfelt en één gek die niet meer terugkomt.

In die categorie vinden we de romantici van het spel. De ploegen van Gert-Jan van Rooijen, Martien Loeffen, Robin Lauwers en Patrick Dijkstra rijden niet uitsluitend op zekerheden. Zij hebben de lijst ingevuld alsof de Tour nog steeds wordt beslist door mannen die in een afdaling hun verstand verliezen en in een bergrit ineens hun levensverhaal herschrijven. Gert-Jan van Rooijen gebruikt over zes inzendingen maar liefst 41 verschillende echte renners. Dat is geen selectiebeleid, dat is een waaier over drie weken.

Aan de andere kant van het spectrum staan de controleurs. Thomas Beekman, Caspar Koot, John van Os, Michel van Os en Kees Kosterman hebben ploegen die aanvoelen als een directeursvergadering bij een WorldTour-formatie: weinig franje, veel zekerheid, nauwelijks gekkigheid. Zij gaan niet snel failliet. Maar om de Tourpoule te winnen moeten hun favorieten niet alleen goed zijn; ze moeten dominant zijn.

De sprintploegen verdienen een eigen hoofdstuk. Djamolidine Abduzhaparov, Barry Heijk, Patricio de la Presa, Kenny Klimme en Simon Zabelbank zijn puur gebouwd voor snelheid. Philipsen, Merlier, Kooij, Pedersen, Girmay, De Lie, Bauhaus, Kanter, Fretin: dit zijn geen ploegen voor de Alpen, dit zijn ploegen voor brede boulevards, nerveuze finales en mannen die op 67 kilometer per uur nog ruimte zien waar niemand anders iets ziet.

En dan zijn er de outsiders. De eenlingen. De namen die maar één keer gekozen zijn en daardoor een heel café kunnen laten juichen. Fred Wright. Sepp Kuss. Victor Campenaerts. John Degenkolb. Brandon McNulty. Tobias Foss. Mike Teunissen. Cees Bol. Het zijn geen veilige keuzes, maar veilige keuzes schrijven zelden mooie verhalen.

De MalleMolen Tourpoule 2026 lijkt op papier een strijd tussen Pogačar-blokken, sprintkanonnen en vrijbuiters. Maar onder die oppervlakte ligt de echte spanning: wie durft af te wijken op het juiste moment? Wie heeft de ene naam gekozen die niemand zag aankomen? Wie blijkt na drie weken geen fantast, maar visionair?

De startlijst zegt: Pogačar is koning. De statistiek zegt: Philipsen is goud waard. De onderbuik zegt: ergens zit een ploeg met een half vergeten aanvaller die op een dinsdagmiddag de hele poule op zijn kop zet.

En precies daarom is dit geen gewone Tour de France poule meer.

Dit is koers.

voorspelling op basis van de data

De veiligste favorieten zitten bij de deelnemers met veel top-10-keuzes en weinig rare sprongen: Thomas Beekman, Caspar Koot, John van Os, Michel van Os, Remco Noordam.

De gevaarlijkste outsiders zijn: Gert-Jan van Rooijen, Martien Loeffen, Robin Lauwers, Patrick Dijkstra en Thijs Griepink.

Mijn pure gevoelsoordeel:als de Tour normaal verloopt, wint een veilige Pogačar/Philipsen-ploeg.Maar als er veel overgangsritten, ontsnappingen en chaotische sprints komen, dan zit de winst eerder bij de vrijbuitersploegen. Dan wordt dit geen rekenwedstrijd, maar een kroegklassieker.

Opmerkingen


bottom of page