Hugo Koblet opent de MalleMolen Tourpoule met mokerslag
- 4 jul
- 4 minuten om te lezen
De MalleMolen Tour de France Poule is los. En niet met een voorzichtig proloogje, een lauwe parade of een beetje rondjes draaien voor de vorm, maar meteen met een ploegentijdrit waarin de individuele tijd telde. Een verraderlijke openingsrit dus. Zo’n dag waarop klassementsmannen nerveus naar hun schoenen kijken, tijdrijders ineens breed gaan lopen en sprinters vooral denken: laat mij maar weten wanneer het weer vlak wordt.

Maar één man had nergens last van.
Hugo Koblet vloog door de openingsrit alsof hij met een Zwitsers uurwerk in zijn benen reed. Met 71 punten pakte hij de ritzege en sloeg hij direct een flinke paal in de grond. Geen aftasten, geen opbouw, geen smoesjes over vormbehoud. Koblet kwam, zag en reed iedereen uit het wiel.
Achter hem reed Juan El Elastico naar een fraaie tweede plaats met 67 punten. De naam klinkt als een lenige attractie op de kermis, maar vandaag stond hij vooral strak gespannen in het klassement. Daarachter werd de derde plek gedeeld door Loefcar en Bobbie Bol, allebei goed voor 65 punten. En daarmee was de toon meteen gezet: dit wordt geen Tourpoule voor mannen met klamme handjes.
Op plek vijf dook Tiehboh Pienot Grigio op met 63 punten, een renner die klinkt alsof hij na de finish eerst de wijnkaart wil zien, maar ondertussen gewoon keurig tussen de grote namen staat. Daarna kwam een brede groep binnen met 62 punten, met onder anderen Rob Jacobs, Paul d’Huez, Linus de la Montagne, Éric du Bildt, Floris Vellema, Mark van Winsen, Vino Veritas en Sven Löylysson,
Dat is geen groepje figuranten, dat is een hele rij mannen die na één dag al denkt: wacht maar, ik zit er lekker bij.
Ook net daarachter werd serieus huisgehouden. Remco Evenredig pakte 61 punten, terwijl mannen als Stefan Rauch, Ben van Utrecht, Paultje Pentek, Lance Bloodstrong, Do Ping, Michael Scofiets, Federico Bahamontes en Jordi el Cabron met 60 punten prima uit de startblokken kwamen. Niet alles hoeft meteen vuurwerk te zijn. Soms is een degelijke eerste dag precies wat je nodig hebt om drie weken lang irritant dichtbij te blijven.
In het algemeen klassement is de eerste leider dus ook meteen duidelijk: Hugo Koblet staat bovenaan met 932 punten. Dat is geen klein gaatje, dat is een eerste tik op tafel. Daarachter volgt Loefcar met 906 punten, vlak voor Bobbie Bol met 905 en Juan El Elastico met 904. Drie mannen binnen twee punten van elkaar, allemaal loerend op de eerste barst in het pantser van Koblet.
En die barst kan zomaar komen. Want dit algemeen klassement is geen rustig spaarpotje waar alleen maar punten bij komen. In de MalleMolen Tourpoule worden ook de punten voor eventuele eindklasseringen meegenomen. Dat betekent dat het totaal kan stijgen, maar net zo vrolijk weer kan dalen. Vandaag virtueel in het geel, morgen je kopman kwijt, overmorgen huilend boven je biertje. Zo hard is de koers. Zo mooi is de poule.
Na de top vier gaapt voorlopig een flink gat. Pedro Delgadoor staat vijfde met 779 punten, gevolgd door Loeflandrien en Rob Jacobs met 773. Daarachter zien we Vino Veritas en Éric du Bildt op 767, en Mark van Winsen op 766. Het is nog vroeg, maar de eerste elitegroep tekent zich af. Namen die niet alleen punten hebben, maar ook het soort uitstraling waarmee je in de kroeg net iets te lang naar het scherm blijft wijzen.
Toch is er onderin nog geen enkele reden voor paniek. Helemaal beneden staat een lange rij namen nog zonder punten, maar dat zijn natuurlijk voor een groot deel de sprinters. Mannen die niet zijn gemaakt voor ploegentijdritten, virtuele eindklassementen of ingewikkelde rekenmodellen. Die willen gewoon een rechte weg, een zenuwachtig peloton, een paar ellebogen en een finishboog die veel te laat in beeld komt.
Juan Vamos, Ronny G Tjavaro, Barry Heijk, Djamolidine Abduzhaparov, Simon Zabelbank, Sprint Eastwood, Memphis Mapei en Bor Srootsap staan voorlopig nog droog. Maar droog staan is voor sprinters geen ramp. Dat is hun natuurlijke staat tot kilometer 198. Daarna worden ze ineens wakker, schuiven ze brutaal naar voren en doen ze alsof de hele Tour speciaal voor hen is georganiseerd.
Vandaag nul punten, morgen misschien de jackpot. Zo werkt het met sprinters: drie dagen onzichtbaar, één dag onuitstaanbaar.
Ook voor mannen als Koning Thijs, Henk Huchie en Mountain Dew was het geen droomstart in de rit. Maar in een Tourpoule als deze zegt één dag nog niet alles. Er komen bergetappes, sprintdagen, vluchtpogingen, inzinkingen, wonderen en waarschijnlijk ook een paar totale wanhoopsmomenten. De MalleMolen is nog maar net begonnen en het peloton heeft nog genoeg wegen om zichzelf in de nesten te rijden.
Voor nu is de conclusie helder. Hugo Koblet draagt de eerste grote kroon. Loefcar, Bobbie Bol en Juan El Elastico zitten op vinkenslag. Sven Löylysson van de Sauna Diana ploeg heeft een prima massage verdiend. En de sprinters? Die staan nog met hun handen in de zakken te wachten tot iemand eindelijk een vlakke rit serveert.
De eerste rit is geweest. De eerste tik is uitgedeeld. De eerste klassementsmannen voelen zich groot. De eerste sprinters doen alsof het ze niets kan schelen.
Met andere woorden: de MalleMolen Tour de France Poule is begonnen.
En aan de bar weten we allemaal: vanaf nu telt elke bocht, elke waaier, elke tussensprint en elke renner die plotseling besluit dat vandaag zijn dag is.




Opmerkingen