top of page

Jean Claude de Balzac: “Ik wilde stoppen voor m’n gebit, maar de benen zeiden door”

  • 6 dagen geleden
  • 2 minuten om te lezen

Het beeld van de dag kwam misschien niet van de winnaar, niet van de gele trui en zelfs niet van de bergtop. Nee, het kwam uit de afdaling. Daar zagen we Jean Claude de Balzac, renner uit de ploeg van Gert van Os, met open mond richting dal razen. Letterlijk open mond, want ergens rond de honderd kilometer per uur besloot zijn gebit dat het liever een eigen koers wilde rijden.

Toch finishte Jean Claude knap als 26e. Zonder tanden, maar mét karakter.

Na afloop spraken we hem.

Jean Claude, wat gebeurde er precies in die afdaling?“Ja, kijk… ik voelde ineens iets loskomen. Eerst dacht ik: dat is een gelletje. Toen dacht ik: nee, dat is vrij groot voor een gelletje. En toen hoorde ik achter me iets stuiteren. Toen wist ik genoeg.”

Je gebit was weg?“Ja. Volledig uit koers. Links van de weg, denk ik. Of misschien in een ravijn. Ik heb het niet teruggezien.”

Heb je overwogen te stoppen?“Zeker. Ik dacht echt: Jean Claude, dit is je gebit, jongen. Daar moet je voor omdraaien. Maar ja, dan kijk je op je teller, je ziet honderd per uur, je ziet mannen achter je komen, en dan denk je: tanden kun je opnieuw laten maken, een klassement niet.”

Dus je bent doorgereden.“Ja. Met tegenzin. En met veel wind in m’n mond.”

Hoe rijdt dat, zonder gebit in een afdaling?“Onrustig. Je vangt toch meer lucht. Normaal ben ik al geen aerodynamisch wonder, maar nu voelde ik me net een open brievenbus. Alles klapperde. Mijn wangen, mijn lippen, mijn zelfvertrouwen.”

Toch word je 26e. Dat is knap.“Dat vond ik zelf ook. Ik kon niet meer goed bijten, maar wel doorbijten. Dat is ook wat waard.”

Wat zei ploegleider Gert van Os na afloop?“Gert was eerst boos. Hij zei: ‘Jean Claude, je moet je materiaal beter vastzetten.’ Toen zei ik: ‘Gert, ik had het over mijn gebit.’ Daarna werd hij stil. Dat gebeurt niet vaak.”

Komt er een nieuw gebit voor de volgende etappe?“Er wordt aan gewerkt. De ploeg zoekt nu naar iets lichters. Carbon misschien. Met betere grip. Als het kan met een klein Kukident-logo erop.”

Heeft het je vertrouwen geraakt?“Nee hoor. De afdaling was goed, de benen waren goed, alleen de mondbezetting was wat rommelig. Morgen gewoon weer starten. Misschien iets minder praten en iets meer knijpen.”

Laatste vraag: ga je nog terugzoeken?“Alleen als iemand het vindt en het netjes afspoelt. Maar ik vrees dat ergens in Frankrijk nu een marmot met een heel brede glimlach rondloopt.”

Jean Claude de Balzac verloor gisteren dus zijn gebit, maar niet zijn eer. In de ploeg van Gert van Os zullen ze opgelucht zijn dat hun man doorreed. Want in een Tourpoule waarin elk punt telt, kun je soms beter je tanden verliezen dan je positie.

Opmerkingen


bottom of page